Met genoegen wil ik een stukje schrijven voor de publicatie van Emiel Saman, fotograaf van de Werkgroep Stadsarcheologie Hulst (WSH), over de inscripties en tekeningen van de voormalige gevangenis op de eerste verdieping in het Landshuis van Hulst. Het is allemaal begonnen toen ik als lid van de Archeologische Werkgemeenschap voor Nederland (AWN) afdeling Zeeland met Dicky de Koning (AWN) mee kwam om mee te helpen bij de opgraving in de Bierkaaistraat in Hulst.

Hanneke Stam, stadsgids en lid van de (WSH) liet me in het Landshuis de tentoonstelling ”Onder de Toren” zien en de voormalige gevangenis die achter een dikke deur in de ruimte daar achter ligt. Ze vertelde me dat drie jaar geleden deze voormalige gevangenis toegankelijk was gemaakt voor het publiek. Het viel me op dat er heel wat inscripties in het hout waren gekrast en ik vroeg haar of daar al iets mee gedaan was. Blijkbaar was dit de vonk die nodig was, want voor ik er erg in had was er een afspraak gemaakt om samen met Emiel alles te fotograferen en te documenteren.

De week daarop zijn Hanneke, Emiel en ik methodisch de inscripties en tekeningen gaan beschrijven en fotograferen. Ik had Hanneke gevraagd om patroonpapier mee te nemen om afwrijvingen te maken. Dat ging erg moeilijk, ten langen leste hebben we één inscriptie afgewreven en de rest gefotografeerd. Ik vermoed dat Hanneke druk was met andere zaken en het daarom verder aan ons overgelaten heeft. Emiel heeft alles gefotografeerd terwijl ik op zijn aanwijzingen hem bijlichtte met een felle lamp van 1000 Watt anders hadden we de inscripties niet zo goed zichtbaar kunnen maken.

 

De gevangenis  is een houten hok, zwaar vergrendeld in  het landshuis

W v Dijk korporaal Tambour

 

Soms hebben plaatjes iets lugubers. Wat zal er met de maker van deze tekening gebeurd zijn? De galg die hij gekerfd heeft geeft te denken.

Omdat ik de lamp “bediende” kon ik alle mogelijke invalshoeken proberen om het gekerfde zo goed mogelijk zichtbaar te krijgen, wat niet altijd even makkelijk was.Sommige namen en tekeningen waren met potlood opgezet en erg vervaagd. We hebben ter plekke al de inkervingen geïnterpreteerd en gedocumenteerd. We zijn begonnen met de binnenkant van de grote houten cel en vervolgens de buitenkant.

Aan de raamkant van de ruimte met de cel is een stevig houten traliewerk, wij vermoeden dat dit een ruimte is om te luchten, of om meerdere personen gescheiden vast te houden. Na de cel hebben we de binnenkant van dit traliewerk en daarna de buitenkant van het traliewerk gefotografeerd en beschreven.

In deze ruimte om te luchten stonden een aantal boorden, het lijken hoofd- en voeteinden van bedden te zijn. Op één van deze boorden was in de blauw/grijze verf een lange tekst gekrast. De persoon is daarvoor onder het bed gekropen, de tekst staat namelijk schuin op de binnenkant van een boord. Het lijkt een bekentenis te zijn, maar de tekst is heel moeilijk te lezen. Bij goed daglicht hebben we de tekst zoveel mogelijk overgeschreven.

 

Daarna hebben wij ons zelf ook nog gefotografeerd in de cel, alsof wij gevangenen waren. Ik heb begrepen dat een aantal foto’s gebruikt gaat worden voor een kleine expositie en dat Emiel intussen een fotoboekje heeft gemaakt voor het archief.

Tot nog toe zijn er in de archieven van Hulst en Middelburg geen stukken gevonden die betrekking hebben op de namen die we gevonden hebben, dat zou verhaal helemaal compleet maken!Het was zeer aangenaam om op deze manier een stukje geschiedenis vast te leggen.

Met genoegen geschreven door Roland Danker

Hansweert, 12 augustus 2007.

Dit is ook een waar kunstwerkje. Een schip dat gegeven de hoge boeg bestemd is voor open water. Het type zou een Zeeuwse poon kunnen zijn met een kajuit of roef.