Als we naar de herkomst van de gerechten op onze lunchtafel kijken en naar de inventaris in onze woonkamer, dan zien we dat we spullen kopen die van over de hele wereld komen. 200 jaar geleden was dat anders. Ons eten kwam voor een groot deel uit de eigen tuin of uit het eigen dorp en de inventaris van ons huis kwam voor een deel uit het dorp of de streek. Werk en woonplaats waren meestal hetzelfde. Dat gold niet alleen voor de boeren, maar ook voor de landarbeiders en ambachtslieden. Ontspanning  en verstrooiing werd geboden in de lokale cafés. Ook onderwijs, religie  en bestuur waren lokaal gebonden. Voortgezet onderwijs werd nauwelijks genoten, de kerk speelde een grote rol, en het gemeentebestuur, de sociale zorg en openbare werken (waterschap) waren lokaal georganiseerd. Al die relaties op lokaal niveau moet een voor ons onvoorstelbare sociale samenhang opgeleverd hebben met een stevige sociale controle, maar ook met bescherming. Om een idee te geven van de beroepen die lokaal werden uitgeoefend heb ik “het verslag van den toestand der gemeente Hengstdijk  over het jaar 1856” geraadpleegd.

1 hoefsmid met een knecht in vaste huur

1 wagenmaker zonder knecht

3 timmermans zonder knecht

1 metselaar zonder knecht

1 verver zonder knecht

1 schoenmaker zonder knecht

1 kleermaker zonder knecht

2 stroodekkers zonder knecht

1 kuiper zonder knecht

 

Molenaar en herbergier zijn hier buiten beschouwing gelaten. Daarnaast oefenden nog een aantal mensen een beroep in loondienst uit de koster, de onderwijzer, de ontvanger, de veldwachter en niet te vergeten de pastoor. In het register van bevolking en inwoning van de gemeente Hengstdijk van 1838 zien we nog meer beroepen namelijk:

Slagter

Vleeschhouwer

Winkelier

Broodbakker

Deze persoonsregisters zijn om meerdere redenen interessant. Je ziet dat ouderen veelal inwoonden bij hun kinderen. Bovendien zie je ook dat het personeel bij de ondernemers en welgestelden inwoonden.  In het onderstaande overzicht zie je daar een paar voorbeelden van. Wil je dit register zelf inzien dan kun je dat vinden op website van familysearch https://www.familysearch.org  je kunt daar gratis een account aanmaken. Na het inloggen naar de knop “zoeken” en vervolgens naar “afbeeldingen” en daarna Hengstdijk in het zoekvenster intikken. Er worden dan 51 bestanden geopend. Scroll naar bevolkingsregister 1820-1860. In deze map zitten 461 foto’s, van 4 registers die elk een afzonderlijke periode beslaan.  De uitdaging is deze bevolkingsregisters en de kadastrale kaarten aan elkaar te koppelen. De eerste stap is de informatie uit het boerderijenboek over te nemen.  Vervolgens kan ik kijken of ik namen uit het kadaster kan terugvinden in bevolkingsregister en daarna kijk ik of ik op basis van de volgorde van de huisnummering van de overige woningen de koppeling met de kadastrale kaart kan maken.

Op zich zijn de gegevens uit het bevolkingsregister een schatkamer van de sociale geschiedenis. Ze geven de samenstelling van het gezin aan. Vaak gaat het naast vader, moeder en een gezin met kinderen ook om inwonende ouders, broers of zussen en bij eigenaren van bedrijven of mensen in goeden doen ook het inwonend personeel. Ook worden religie, beroep en gemeente van herkomst aangegeven.  Bij dagloners worden de echtgenote en ook de nog zeer jonge kinderen als dagloner aangegeven. Werkende vrouwen en kinderarbeid waren dus heel algemeen. Ter illustratie heb ik een drietal persoonskaarten opgenomen.

Bovenstaande tabel beschrijft het gezin van Pieter Herremans en Apolonia Smit. Hierin zit veel informatie. Pieter is wagenmaker en Apolonia was winkelierster. Opvallend zij had dus een los van haar man een eigen beroep. Ze hadden 2 kinderen Apolonia en Charles en deze werkten in de winkel. Daarnaast woonde bij hen in huis Francies Smits landbouwer die weduwnaar was. Uit andere stukken blijkt dat hij de vader van Apolonia was. Apolonia Hamelinks heeft in dit gezin als dienstmeid gewerkt, maar de naam is doorgehaald, wat betekent dat zij is vertrokken voor 1848 (de einddatum van dit register). Bovendien werkte Apolonia Eekelaar er als dienstmeid.
De bladzijde over Willem Schuijlenburg bevat erg veel informatie. Hij was geboren in den Haag zijn vrouw in s'Heerenberg. Op basis van de geboorteplaats van hun kinderen weten we dat zij in Vlissingen en Sluis gewoond hebben. Het echtpaar had twee dienstmeiden beiden geboren en afkomstig van Hengstdijk. In tegenstelling tot het merendeel van de bevolking die Katholiek was, waren zij gereformeerd. Opvallend is dat een groot deel van de mannen in dienst van de gemeente gereformeerd waren. Vraag is wat de oorzaak hiervan was?
Charel Ludovicus van Craenenbroek was hoefsmid te Hengstdijk. Hij was geboren te Calloo en heeff ook te Graauw gewoond. Zijn vrouw was particuliere hetgeen betekent dat zij geen beroep hoefde uit te oefenen voor de kost. Het echtpaar had een inwonende dienstknecht en dienstmeid in dienst. In 1832 werd Jacobus Kints vermeld als hoefsmid. Later is Charel Louis Kerckhaert de dorpssmid. Vraag is of zij elkaar opvolgenden en het vak op de zelfde plaats hebben uitgeoefend.