Ontwikkeling grondbezit te Hengstdijk (deel 1)

Op basis van de kadastrale tafels is het grondbezit in Hengstdijk tot 1832 te traceren. Hieruit blijkt dat een aantal boeren en andere inwoners hun grond en gebouwen in eigendom hebben maar een groot deel is ook gepacht. Voor zover ik het nu in kaart gebracht heb, blijken de grootste grondeigenaren veelal verpachters te zijn. Soms zijn dit lokale partijen zoals de gereformeerde kerk uit Hulst en Hontenisse, maar er zijn ook veel  eigenaren van buiten de regio.

De vraag is wie deze grondeigenaren waren. Weten we iets meer van hun achtergrond en hoe hebben zij de grond in bezit gekregen. Uit de penningkohieren van het Hulster Ambacht van 1570 blijkt dat een groot deel van de grond in het bezit was van de kloosters van Ter Duinen en van Drongen. Voorts zijn het kapittel van Kortrijk, de abdij van Boudelo en de lokale kerken regelmatig als eigenaar vermeld. Particulier bezit was in die tijd uitzonderlijk en zeker een gebruiker die ook eigenaar was.

Vanuit de historie is dit ook wel begrijpelijk. Het beschermen van de polders tegen de zee vergde goed gecoördineerde acties en veel kapitaal. Grote investeerders waren beter in staat om dit gedurende een lange periode voor een groot gebied goed uit te voeren. Particuliere grondeigenaren verlieten bij een langdurige overstroming de grond en de kloosters en de kerken namen het initiatief om de dijken te herstellen. 

De polders van Hengstdijk en Pauluspolder kennen een on onderbroken bewoningsgeschiedenis sinds het begin van de 16e eeuw. Dat zie je in het huidige landschap ook nog duidelijk terug in het patroon van de wegen. We zien meer bochten en een sterk gespreide bebouwing. In recenter ingedijkte polders  zoals de Hooglandpolder en  Stoppeldijkpolder is een veel rechtlijniger straten en percelen patroon en is er veel minder gespreide bebouwing,

Door de ononderbroken bewoningsgeschiedenis is het misschien na te gaan hoe de eigendom van grond zich heeft ontwikkeld van de late middeleeuwen tot de huidige tijd. De kadastrale kaart van 1832 is daarbij het begin punt. De volgende personen worden daarin genoemd als verpachters van grote gebieden .

  • Petrus Hillegard Francis Wierts uit Oss (Noord Brabant).
  • Johan Pieterszn Hombach  uit Hulst samen met Charel Marie Coppens uit Gent
  • Graaf Jan Baptist Robbiano uit Brussel
  • Jan Ferdinand van Alstein  uit Brussel
  • Josephus Philippus van den Broecke uit Antwerpen 

De familie Wierts

Ik wil beginnen met de familie Wierts. Hoe komt een man uit Oss aan land in de Klein Hengstdijkpolder en de Rummersdijkpolder? Uit een bewerking van de vrienden van het Hulster Archief “De bevolking van Hulst en Hulster Ambacht in de achttiende eeuw” blijkt dat de familie Wierts een veel groter bezit had in Hengstdijk. Ook de oorsprong van dat bezit was snel te achterhalen. Johan Theodorus Wierts was aan het einde van de 17e en het begin van de 18e eeuw griffier en ontvanger der Contributie over het district en kwartier Vlaanderen (belastinginner voor Zeeuws Vlaanderen in opdracht van de Staten) en ook schepen van Hulst en het Hulster Ambacht. Tegenwoordig zouden we de combinatie van die functies belangenverstrengeling noemen. In die periode heeft hij grond gekocht van particulieren in de regio. Of hij de grond heeft verkregen door “gebruik” te maken van zijn functies of dat hij een investeerder was die zijn vermogen op andere wijze heeft verkregen is mij niet bekend. Hij was een zeer vermogend regent. Van hem en zijn vrouw zijn statige portretten bewaard gebleven en hij huurde kasteel Bouvinge in Breda van de prins van Oranje. Hij is daar ook overleden.

Johan Theodoor Wierts
Zijn echtgenote Catharina Allegonda Fullenius

Beiden kijken ze de bezoeker aan.  Zo hebben ze waarschijnlijk ook op een mooie plek in het kasteel Bouvinge in Breda gehangen.

Afbeeldingen uit de collectie: Fotocollectie RKD Nederlands instituut voor Kunstgeschiedenis in Den Haag.

Een directe nazaat van Johan Wierts is Petrus Hillegard Francis Wierts.  Hij werd geboren in Sint Oedenrode en was griffier bij het kantongerecht in Oss. Petrus Wierts bezat in 1832 nog enkele percelen van zijn voorvader, maar een groot gedeelte van het voormalige familiebezit was in dat jaar al in handen van Joseph Philippus van den Broeck uit Antwerpen.